Eenzijdig verhogen pensioenleeftijd in strijd met wet

Pensioenfonds Sabic moet drie oud-medewerkers hun oude rechten teruggeven. Aldus het vonnis van de rechtbank Limburg.

De drie ex-medewerkers, nu respectievelijk 61, 62 en 62 jaar oud, geven te kennen met 65 jaar pensioen te willen. Net als tal van andere pensioenfondsen heeft Sabic in 2014 ervoor gekozen om de rechten collectief om te zetten naar 67 jaar. Dat betekent in de praktijk dat degenen die eerder willen stoppen met werken, hun ‘pensioen naar voren trekken’. Met als gevolg een lagere uitkering. 

De wet is in de ogen van de rechter echter duidelijk. Volgens artikel 83 van de pensioenwet kan een individuele deelnemer bezwaar maken tegen een verhoging van de pensioenrichtleeftijd, die nodig is voor het berekenen van de pensioenpremie. En dat heeft het drietal dan ook gedaan. Sabic was echter van mening dat het belang van het collectief prevaleert boven dat van het individu.

Verklaring

Het pensioenfonds van het chemisch bedrijf voelde zich daarbij gesteund door een verklaring van oud-staatssecretaris Jetta Klijnsma. Die had als toezichthouder van De Nederlandsche Bank, de handelwijze goedgekeurd. Het omzetten van de rechten naar 67 jaar mocht van haar zonder toestemming van deelnemers, omdat zij in principe evenveel pensioen blijven ontvangen. De uitkeringsperiode – tot aan de dood – wordt weliswaar korter, maar het maandbedrag gaat omhoog.

Voor de bezwaarmakers van Sabic pakt de regeling, volgens huidige berekeningen, evenwel beroerd uit. Zij ontvangen conform de nieuwe regeling op hun 65ste minder pensioen, dan op basis van de oude afspraken. Dat vinden ze onredelijk, een reden om naar de rechter te stappen.

Principezaak

De betroffen ex-medewerkers en diens juridische adviseurs hadden nog willen schikken met Sabic. De schade voor het pensioenfonds zou in dat geval slechts enkele duizenden euro’s zijn. Pensioenfonds Sabic besloot er echter een principezaak van te maken. De advocaat van de eisers is blij met de uitspraak van de rechter. Het moet niet zo zijn dat pensioenfondsen en werkgevers van alles over het pensioen beslissen zonder de werknemer, die er hard voor werkt, bij te betrekken.

Idealiter zouden pensioenfondsen er twee regelingen op na moeten houden. Eentje die uitgaat van de oude situatie en eentje vanaf 2014 met een pensioenleeftijd van 67 jaar. Dat maakt het voor deelnemers echter nodeloos ingewikkeld en zorgt voor extra administratieve rompslomp en lasten. Vandaar dat veel fondsen ervoor hebben gekozen alle rechten om te zetten naar 67 jaar. De materie wordt straks nog ingewikkelder, omdat de pensioenrichtleeftijd binnenkort naar 68 jaar gaat. Werkenden krijgen dan te maken met drie regelingen.

Om complicaties en nieuwe rechtszaken te voorkomen, is er een wetswijziging in de maak. Die maakt het voor pensioenfondsen mogelijk ook zonder expliciete toestemming van deelnemers, de fiscale pensioenrichtleeftijd te verhogen.

bron: Limburgs Dagblad – artikel van Frans Driessen – 14 november 2017